Het disruptieve museum

Het disruptieve museum

Het disruptieve museum

2019-01-15T15:36:12+00:00

De cultuursector stond te schudden op zijn grondvesten. Het waren de jaren van het eerste kabinet Rutte. Halbe Zijlstra was de staatssecretaris van cultuur en hij zou de sector wel eens wakker schudden. Musea en andere culturele instellingen moesten afgerekend worden op de resultaten die ze behaalden. Er kwamen scherpe bezuinigingen en een eigen inkomstennorm. De periode duurde niet lang – van oktober 2010 tot en met november 2012 – maar de gevolgen waren ingrijpend.

Terugkijkend op die jaren is het niet raar dat ook de museumsector ten prooi viel aan de ‘aardverschuivingen’ die onze hele samenleving troffen en nog steeds treffen. De wereld verandert razendsnel. Verstoringen en disrupties zien we overal; zowel in het bedrijfsleven als in de politiek, in de rechtspraak, het bankwezen en noem maar op. Nieuwe technieken geven mensen mogelijkheden die voorheen ondenkbaar waren en dat heeft gevolgen voor ons wereldbeeld en voor wat we belangrijk vinden. Cultuurmakers en cultuurliefhebbers namen de aanval van het door de PVV gedoogde kabinet echter persoonlijk en zagen de bezuinigingen als een aanslag op de beschaving. 

Midden in die periode deed ik in opdracht van de Stichting DOEN een onderzoek naar de toekomst van de Nederlandse musea. Daarvoor interviewde ik een flink aantal directeuren en andere betrokkenen. Het was duidelijk dat het steeds meer musea begon te dagen dat ze een nieuw antwoord moesten verzinnen op de vraag naar hun bestaansrecht, naar hun relevantie en naar hun draagvlak. Overal zag je musea zich geleidelijk omvormen tot wat ik netwerkmusea noemde. Het netwerkmuseum als het logische antwoord op de netwerksamenleving zoals die in de afgelopen decennia is ontstaan.

De resultaten van het onderzoek beschreef ik in het boek Het disruptieve museum. Daarin betoogde ik dat het traditionele museum het verstoorde of het disrupted museum is. Het museum dat niet begrijpt dat haar bestaansrecht ten diepste ter discussie staat. Het netwerkmuseum daarentegen is het verstorende of het disruptieve museum. Het disruptieve museum geeft een radicaal antwoord op de vraag naar het bestaansrecht. En dat antwoord heeft verstrekkende gevolgen. Want het disruptieve museum gaat niet meer over het verleden maar over het heden. Het gaat niet meer over de waarheid maar over betekenis; niet over tijdloze kwaliteit maar over tijdelijke waarden; is niet objectief maar subjectief. Het denkt niet in doelgroepen maar in gemeenschappen. Het disruptieve museum is per definitie een ondernemend museum. En overal in Nederland waren en zijn grote en kleine musea zich aan het omvormen tot deze nieuwe soort.

Een publicatie uit 2011 over de toekomst van de Nederlandse musea.

Arnoud Odding