Artis en het Groote Museum

Artis en het Groote Museum

Artis en het Groote Museum

2021-09-04T13:22:33+00:00

Het was in juli 2003. In de auto kreeg ik een telefoontje van de fonkelnieuwe directeur van de Amsterdamse dierentuin Artis. Hij was boos, heel boos. Hoe ik het in mijn hoofd haalde om de brandweer uit te nodigen om ‘zijn’ Partycentrum aan de Plantage Middenlaan te inspecteren op vluchtroutes en andere praktische zaken. Hoe ik ook mijn best deed om hem uit te leggen dat alles netjes was afgesproken met zijn voorganger, hij bleef grommen. Samen met Tiziana Nespoli, Joost Willink en Natasja Wehman had ik ruim een jaar gewerkt aan nieuwe plannen voor de herinrichting van het Groote Museum op de eerste verdieping bóven het partycentrum. Het Groote Museum is na Teylers Museum in Haarlem het oudste vrijwel volledig bewaard gebleven museuminterieur van Nederland. Een schitterend monument uit het midden van de 19e eeuw, de tijd waarin Artis nog echt het verlichtingsgenootschap Natura Artis Magistra was. Joost Willink had het interieur ‘ontdekt’ en een paar mensen opgetrommeld om plannen te maken voor de restauratie en herinrichting van het Groote Museum. Hij was gealarmeerd door onuitgewerkte plannen om het interieur om te bouwen voor kantoren voor het personeel of eventueel zelfs geheel te slopen voor een multimediale experience. Met ons vieren gingen we in de zomer van 2002 aan de slag om plannen te bedenken waardoor het erfgoed behouden zou kunnen worden. Met wat externe financiering en een stevige stuurgroep naast ons voelden we ons als een guerrillagroepje die de taak had een geweldig nieuw museum te bedenken. De toenmalige directie van Artis gedoogde ons. Dat werd anders met het aantreden van de nieuwe directeur Haig Balian.

Een paar weken na dat boze telefoontje zaten we aan tafel met Balian. Als projectleider moest ik veelal het woord doen en ons verdedigen tegen de aanvallen van de nieuwe directeur. Een gesprek waarvoor een uur was gepland liep uiteindelijk uit op een verbale schermutseling van bijna vier uur. Toen we vertrokken zei hij “ik ben blij dat ik niet elke dag met jou hoef te discussiëren”. Waarop ik vroeg of ik dat als een compliment mocht opvatten. Dat mocht. We hadden ons plan met alle kracht verdedigd maar het leek alsof het doek was gevallen voor ons Groote Museum. Getergd besloten Tiziana Nespoli en ik om onze ideeën over musea en over kunst en wetenschap, die we de afgelopen maanden zo hadden gescherpt, verder uit te werken. Dat leidde uiteindelijk tot ons boek “Het Gedroomde Museum”.

De galerij van het Groote Museum in 2002

Twee maanden later in oktober 2003 belde Haig Balian opnieuw. Of ik projectleider bij Artis wilde worden om de ontwikkeling van de transformatieplannen voor Artis inhoudelijk en praktisch te begeleiden en coördineren. Ik vroeg hem of de plannen voor ons Groote Museum een eerlijke kans zouden krijgen. Hij hoefde mij niet te beloven dat ze gerealiseerd zouden worden maar de plannen moesten wel een eerlijke kans krijgen. Dat vond Balian geen probleem en vervolgens brak een uiterst intensieve periode van tweeëneenhalf jaar aan waarin we spraken met architecten, landschapsarchitecten, historici, dierverzorgers, educatoren, wetenschappers, olifantenspecialisten, bezoekers, buurtbewoners, marketeers en nog heel veel andere mensen. Allemaal met het doel om een nieuwe toekomst voor de dierentuin te formuleren. Een toekomst waarin ruimte zou zijn voor de dieren, voor de mensen, voor de planten, voor de cultuur, voor de wetenschap én voor het erfgoed. Onder leiding van Haig Balian maakte Artis een inhoudelijke en praktische draai door van 180 graden. Van een dierentuin die zichzelf een beetje was kwijtgeraakt in de bijna 170 jaar die het bestond tot een trotse stadsdierentuin waar de ‘samenhang der dingen’ centraal staat.

In de loop van 2006 waren de plannen zover uitgewerkt dat ik voor de vraag kwam te staan of ik zou blijven om de plannen te helpen realiseren of het stokje van inhoudelijk projectleider over te geven. Ik koos voor het tweede in de wetenschap dat mijn rol was voltooid. In de jaren daarna heeft Haig Balian met grote vasthoudendheid gewerkt aan de realisatie van plannen waarin ik heel veel herken van wat we ooit samen bedachten. En zelfs nu Haig als directeur is teruggetreden, werkt hij nog steeds aan projecten die me dierbaar zijn. In 2019 of 2020 zal eindelijk ook het Groote Museum in de oude luister zijn hersteld. Ongetwijfeld heel anders dan Joost, Natasja, Tiziana en ik het ons ooit voorgesteld hadden maar uiteindelijk wel in de oorspronkelijke geest van het Koninklijk Genootschap Natura Artis Magistra.

Arnoud Odding

Micropia, de in 2014 geopende ‘microzoo’ van Artis